Morran 

Morran, ze woonde in een houten huisje aan de rand van een oud Keltisch dorpje in het zuiden van Wales. Het huisje stond op een hoge woeste heuvel, zoals er daar veel waren en keek uit over zee. Achter het huisje lagen de uitgestrekte bossen met de oeroude bomen.

Haar tuintje werd afgeschermd door hoge beukenhagen, maar verborg een mooie wilde bloemenzee. Een enkele brutale, nieuwsgierige, blikte wel eens door de heg haar tuintje binnen. Wanneer ze dat zag, glimlachte ze een beetje in zichzelf. Ze vond het niet vervelend.

Ze wist dat ze nieuwsgierigheid in de hand werkte, omdat ze een stil en teruggetrokken leven leidde en begreep het wel.

De mensen vonden haar een beetje zonderling: ze zag er dan ook wat verwilderd uit. Met haar kleine magere gestalte, grote puntige oren, spitse neus, rossig strohaar en grote doordringende ogen, leek ze op een kruising tussen een heks en een elf. Ze had een bijna doorzichtige witte huid. Een huid die reageerde op elke vorm van disharmonie binnen haar omgeving of in zichzelf. Ze wist dan ook meteen wanneer iets niet klopte, op welk gebied dan ook en de mensen waren een beetje bang voor haar. Ze leek door ze heen te kijken met die soms bange, grote ogen en confronteerde hen met iets teers dat ze allang dachten te zijn vergeten, of zo ver en diep mogelijk weg probeerden te stoppen. Een vage weerstand, waarvan ze zelf niet goed wisten waar het vandaan kwam, hield hen bij haar vandaan. Maar zij wist wel waar die weerstand vandaan kwam, zij wist waarvoor de mensen bang waren.. ze waren bang voor het pure en ware in zichzelf. Ze waren te ver verwijderd geraakt van hun ziel. En zelf, zelf was ze verbitterd geraakt door zoveel onmacht, door zoveel pijn in zichzelf en anderen, dat ze maar liever alleen was.

Maar ze was een kind van deze streek en ze hield van het land. De seizoenen waren hier niet zo sterk waarneembaar. Je kon alleen merken dat het zomer werd, aan een subtiele verandering van geur, temperatuur en wanneer de bessenstruiken in de omgeving weer gingen bloeien. Ook haar tuintje veranderde dan weer als vanouds in een nog weelderiger bloemenzee, want bloeien deden ze het hele jaar door. Veel zon zagen ze hier niet, maar wanneer die dan eens scheen, werd er in het dorp steevast een zonnefeest gehouden, met hapjes, drankjes, dans en rituelen.

De zee kon soms woest tekeer gaan in het winterseizoen. Woedende golven klommen dan tegen de ruwe rotskliffen op, sloegen een stukje over land en trokken zich dan met eenzelfde heftigheid terug. Donder en bliksem gaven het heuvelachtige landschap, met de vele prachtige rotsvormen, soms een woest en luguber uiterlijk. Het ademde een sfeer van mystiek en magie.

Sommige mensen van deze streek voorzagen en wisten dingen die nauwelijks benoemd mochten worden, want bijgeloof gaf in dat dit ongeluk bracht. Het hoorde echter bij deze streek. In dit woeste, grillige land konden rare en onvoorstelbare dingen gebeuren.

Morran was een van die mensen die de geest van het land zag. De geest van het land bezocht haar soms in haar dromen en kreeg dan de vorm van een kleine potige oude vrouw met een kromme rug en in haar verweerde hand een wandelstok. Ze droeg een donkere capemantel in de kleur van de nachtelijke sterrenhemel, rondom haar hoofd zag ze lange weerbarstige zilverwitte krullen, die als een stortregen om haar heen dansten. Ze leken een eigen leven te leiden. Ze was altijd vergezeld van een grote donkere wolf met diepgroene doordringende ogen, die in de nacht fel konden oplichten. Soms leken ze met elkaar te vervloeien, zoals ze avond na avond voorbij haar houten huisje liepen, richting zee, waar ze uiteindelijk ongrijpbaar, weer verdwenen in de dichte dikke nevels, die voortdurend boven de heuvels van dit wilde en ongerepte land leken te hangen.

Op een dag, terwijl ze in het bos kruiden aan het verzamelen was voor medicinale doeleinden, hielt ze plots halt door een geluidje dat haar aandacht trok. Het was een hoog, schril en wanhopig geluidje en het leek uit oostelijke richting te komen. Met ferme passen stapte ze door en stond uiteindelijk voor een half verscholen grot, dichtbegroeid met klimop en weerbarstige bessenstruiken. Het geluid werd doordringender en leek uit de grot te komen. Met niets anders dan een zakmes bij zich, probeerde ze zich door de wilde struikenbarrière de weg naar binnen te banen. Uiteindelijk lukte het haar om voldoende ruimte vrij te maken en met ogen die nog aan het halfduister moesten wennen, stond ze even later, nog wat wankel op haar benen, in de grot. Ze luisterde gespannen. Het geluid leek te zijn verstomd. Ze hoorde een tijdje helemaal niets meer. Nadat haar ogen wat gewend waren geraakt aan het schemerduister, begon ze om zich heen te kijken. Ze zag vreemde tekens in de rotswanden gekerfd, maar op een of andere manier kwamen ze haar vertrouwd voor. Ze zou er later een langere blik op werpen. Eerst wilde ze uitvinden waar dat geluid vandaan kwam. Helemaal achterin klonk nog wat zacht gekerm, maar voor ze daar op toe kon lopen, hoorde ze een diepe doordringende vrouwenstem. Ze herkende de stem. ‘Morran’ riep ze, ‘ik ben de vrouwe van het land en ik heb een boodschap voor je. Loop verder en vind….het kind dat ik onder je hoede wil zien.’ Morran begreep er niets van en liep verder de grot in, de gang door, waar het zachte gekerm weer indringender werd. Uiteindelijk zag ze tot haar grote verbazing en ontsteltenis in een kleine nis links van haar, een naakt, mager en verwaarloost kindje liggen van ongeveer tien jaar. Het was een meisje met lange donkere haren en grote uitgeholde groene ogen die haar vol angst en pijn aanstaarden. Net op het moment dat ze de paniek in zich op voelde komen, hoorde ze weer de vertrouwde stem. ‘Wees niet bang, pak haar op, neem haar bij je, zorg voor haar en keer maandelijks hier terug om verslag te doen’.

Ze pakte het meisje schoorvoetend op en hield het tegen zich aan. Ze voelde de diepe triestheid van het kind en voelde weer de paniek omhoog komen. ‘Kan ik dit wel aan’, dacht ze. Weer klonk de vertrouwde stem: ‘ze is een kind van de sterren, altijd binnen ieders bereik, maar onzichtbaar voor hen die de moed hebben verloren, voor hen die teveel materiele zaken nastreven en voor hen die hun geloof in de liefde en de magie zijn kwijtgeraakt. Ik heb dit kostbare juweel niet voor niets aan jou toevertrouwd! Ga nu!’

Met het meisje op de arm liep ze de grot uit. Knipperend met de ogen tegen het felle licht, staarden ze elkaar onwennig aan. ‘Een mooi kind,’ dacht Morran. ‘Ze heeft dezelfde lichte, bijna doorschijnende huid als ik. Gevoelig, kwetsbaar…’ Morran vroeg hoe ze heette. Geen antwoord… ‘nou ja, komt wel’, dacht ze. Thuis aangekomen zocht ze wat kleren van zichzelf bij elkaar die te klein waren geworden, zette water op het vuur voor een bad en pakte wat handdoeken. Ondertussen sliep het uitgeputte meisje een diepe slaap in haar grote bed. Ze besloot haar maar te laten liggen. Weer keek ze met nieuwsgierige aandacht naar het meisje. Wat lag ze daar nu vredig. Het donkere haar als een verwarde waaier om haar heen. Heel anders dan waar ze was gevonden… Moe geworden van het avontuur, kroop ze naast het kind en viel al snel in een rusteloze slaap.

In haar droom stond ze plots weer bij de grot. Door de opening die ze die middag had gemaakt, liep ze weer naar binnen. Nadat haar ogen weer aan het schemerduister van de grot gewend waren, werd haar aandacht opnieuw getrokken naar de vreemde tekens op de rotswanden. “Herken je je eigen tekens niet meer???” vroeg een doordringende en welluidende stem. Morran keek nog eens goed naar de symbolen. Weer kreeg ze een gevoel van vertrouwdheid en herkenning. Plots kwam er een bijzonder helder en scherp beeld bij haar naar boven. Ze zag een oude vrouw en een kind bij een kampvuurtje voor de grot zitten. Ze zagen er verdrietig, uitgeput, verwilderd en angstig uit. Een naburige stam had hun dorp in brand gestoken en geplunderd. Al hun dierbaren waren dood, of als slaaf meegenomen op verdere plundertocht. Grootmoeder en kind konden wegkomen en waren op de vlucht geslagen. In een flits wist Morran dat zij de grootmoeder was en het kind naast haar de dochter van haar zoon, die ze zojuist voor haar ogen vermoord had zien worden. De moeder van het kind was meegenomen en tot slaaf gemaakt… Ze troostte het kind en fluisterde haar sussende woordjes in.

Nadat ze hadden gegeten van het konijn dat ze hadden gestrikt, vervolgens hadden geroosterd boven het kampvuurtje en ze weer wat op krachten waren gekomen, wist ze dat ze snel moest handelen. Ze voelde haar einde naderen en ze wilde het kind zo goed en zo kwaad het nog ging, voorbereiden op wat nog ging komen. Ze sprak doordringend op het kind in: “ik zal straks overgaan naar het zomerland waarvan ik je heb verteld en ik wil dat je een aantal dingen weet voor ik ga.” Allereerst moeten we er voor zorgen dat de naam en de normen en waarden van onze stam niet verloren gaan.” Ze haalde een okerkleurige poeder uit haar mand tevoorschijn en mengde het met water. Ondertussen zat het kind met grote paniek en verdrietige ogen naar haar te kijken. “Zou haar grootmoeder haar dan ook nog gaan verlaten?” Wat moest ze dan beginnen….

De grootmoeder liep de grot binnen. Op de voet gevolgd door het meisje. Ze doopte de geprepareerde steen in het papje dat ze van de rode oker had gemaakt en begon vreemde symbolen op de rotswand aan te brengen. Het meisje keek met grote ogen toe.

Grootmoeder begon bij elk symbool een verhaal te vertellen. “Kijk,” zei ze, “dit symbool staat voor de normen en waarden van onze stam. Een stam van krachtige krijgers en sterke vrouwen, die met zorg en respect met elkaar omgingen,” en ze vertelde haar een mooi verhaal over dapperheid, moed en overwinningskracht.

Het tweede symbool staat voor de geest van dit land. We maken deel uit van haar en we zijn haar kinderen. Luister naar de stem van al haar schepselen, de wind, de bomen, de bloemen, de planten, de dieren, de rotsen en de zee en je zult nooit alleen zijn en haar altijd dichtbij je weten. Ze zal je leiden naar je bestemming. Deze grot is haar heiligdom en eens zul je hier veilig naar terug keren, maar eerst zul je nog een lange reis moeten maken.

Langzaam vervaagde het beeld en vond Morran zichzelf weer staan in de grot. De herinnering aan het visioen verankerde zich in haar geest. Ze herinnerde zich alles weer. Wat zou er van haar kleindochter zijn geworden, die ze op veel te jonge leeftijd zo moederziel alleen achter had moeten laten? Leven na leven had dit onbewust aan haar ziel geknaagd en was er altijd een rusteloos verlangen geweest naar deze kleine, zo kwetsbare, verwante ziel, maar ze had haar nooit teruggevonden…

Langzaam vervaagde ook het beeld van de grot en met een schok schrok ze wakker…….

Naast haar in haar grote bed lag het kleine meisje dat ze gisteren uit de grot had gered en in een flits wist ze dat dit haar verloren kleindochter was. Ze werd in staat gesteld haar opdracht af te maken en haar hart vervulde zich met eerbied en blijdschap.

Samen keerden ze, zoals beloofd, een maand later terug naar de grot. Inmiddels hadden ze hun kracht en waardigheid teruggevonden bij elkaar en wilden hun dank betuigen voor alle wijsheid en mededogen die ze er hebben gevonden. Nadat ze hun rituelen hadden beëindigd, ter ere van de geest van het land, vonden ze uiteindelijk in een verborgen nis de stoffelijke resten van een oude vrouw en een klein meisje, innig in elkaars armen verstrengeld. Wetend glimlachten ze naar elkaar.

 

Ineke

 

 Het ideaalbeeld 

Hoe meer je in dualiteit verstrikt raakt, des temeer zie je het leven in uitersten. Het is het een of het ander. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor geluk en ongeluk, geluk staat dan voor leven en ongeluk staat voor de dood.

Maar het leven houdt gewoon beide in. Er bestaat geen geluk zonder ongeluk. En zo gaat dit op voor alle tegenstellingen in het leven. Het ene uiterste staat niet los van het andere uiterste.

Het is bijvoorbeeld een onrealistische gedachte dat je wel altijd depressief of ongelukkig zal blijven, dan begint er juist een nutteloze en destructieve strijd tegen dood en ongeluk… Dat zullen veel mensen die gevoelig zijn aan der lijve hebben ondervonden. Dat gevecht tegen de bierkaai…. De pijn steeds maar weer omzeilen…

 

Geboren worden is op zich al een pijnlijke ervaring en er zullen er nog andere volgen, maar er zullen evenredig ook plezierige ervaringen zijn.

Onplezierige ervaringen roept angst in het leven. Angst voor onplezierige ervaringen is een fundamenteel probleem geworden. Hoe meer je jezelf probeert te beschermen tegen pijn, hoe meer dat juist teweeg brengt wat je vreest of afwijst. Zo ontstaat er dan ook een ideaalbeeld van jezelf. Het kind dat je eens was zag dit als een manier om ongeluk af te wenden, omdat ongelukkig zijn het kind van zijn of haar zekerheid beroofde en zo ook van zelfvertrouwen…. Ongelukkig zijn en gebrek aan zelfvertrouwen zijn onderling verbonden. Het ideaalbeeld moet ervoor zorgen het gebrek aan zelfvertrouwen weer op te vijzelen… Er is dus een duidelijk verband tussen je ongelukkig zijn en je ideaalbeeld… Het ideaalbeeld maskeert het ware zelf. Je schept een ideaalbeeld in het leven, omdat je ben gaan denken dat je niet goed genoeg bent, het pretendeert iets te zijn wat je niet bent. Als kind werd je vaak geacht zo goed, geweldig en volmaakt mogelijk te zijn. Wanneer dat niet zo was, werd je vaak gestraft door ouders, leerkrachten, en maatschappij.

Misschien was het ergste wel dat je ouders je anders hun genegenheid onthielden. Dat heeft een hele grote impact op een kind. Het wordt daarmee een strijd op leven en dood, omdat de liefde van de ouders voor een jong kind van levensbelang is. Zonder liefde sterft een jong kind.. Toch wist je als kind dat je niet zo ideaal was als je opvoeders e.a schenen te denken. Dit gegeven moest je als een schuldig geheim voor jezelf bewaren en zo begon je een vals zelf op te bouwen.

Op weg naar volwassenheid ben je zelfs met dit valse zelf vergroeid geraakt. Maar je voelt het nog wel als een voortdurend knagend schuldgevoel. Je voelt het ook als een voortdurend behoedzaam moeten zijn, want de mensen moesten eens weten wat er werkelijk achter dat masker schuilging, met de daaruit voortvloeiende schaamte en angst om door de mand te vallen. Je raakt gestrest, je wordt gespannen, je gaat op slot, of je krijgt zelfs psychische en/of lichamelijke klachten, etc. Dit komt door je wanhopige pogingen om jezelf te verbergen. Je bent niet meer in staat om spontaan te reageren op wat er op je afkomt. Je bent steeds meer je best gaan doen om aan je ideaalbeeld te voldoen, in de hoop dat je er ooit eens mee samen zal vallen. Maar dat werkt niet met een onecht zelf. Daar zul je nooit mee kunnen samenvallen… Al die inspanning, in de hoop ooit gelukkig te kunnen worden, zullen daarin voor niets zijn….

 

 

Het ideaalbeeld stelt hoge morele eisen aan jezelf. Enkele voorbeelden daarvan zijn:

-nooit kwaad mogen worden

-altijd vriendelijk zijn

-altijd voorkomend zijn

-altijd liefdevol zijn

 

En zo zijn er nog talloze op te noemen. Het is belangrijk om er achter te komen waar de eisen liggen die je aan jezelf hebt gesteld. Die zijn voor iedereen persoonlijk weer anders. Dat hangt van de opvoeding af en het milieu waarin je bent opgegroeid. En dan is er nog het volgende:

 

Ieder van ons heeft hierin een valse trots ontwikkeld, een gebrek aan eenvoud, omdat we onszelf niet meer kunnen accepteren zoals we werkelijk zijn.

Agressieve, vijandige, trotse, te ambitieuze trekken worden verheerlijkt of geïdealiseerd. Deze neigingen staan achter alle ideaalbeelden! Ze veroorzaken ook een extra vrees om door de mand te vallen.

Hsp – arrogantie bijvoorbeeld, komt voort uit hetzelfde mechanisme. De laatste tijd worden hsp - eigenschappen nogal verheerlijkt. Met als gevolg dat gevoelige mensen hier ook weer in door kunnen slaan, valse trots ontwikkelen en weer onmogelijke eisen aan zichzelf gaan stellen, met alle bekende gevolgen van dien. Niets maakt iemand zo kwetsbaar als trots en een vals gevoel van superioriteit, niets veroorzaakt zoveel angst… Hspers zijn hier extra kwetsbaar voor, omdat ze zo lang in het verdomhoekje hebben gezeten. Gevoelige mensen die dit mechanisme doorzien zijn er echter nog niet en moeten door deze uitersten om weer bij het middelpunt terecht te komen. Hier ging immers een leven van onderdrukking en afwijzing aan vooraf.

 

Soms creëer je zo’n opgeblazen zelfbeeld, dat je jezelf vreselijk gaat tiranniseren. Soms moet je aan zulke hoge eisen van jezelf voldoen, dat het lijkt alsof je voortdurende mislukkingen op je bord krijgt. Vervolgens probeer je je reacties op die ‘mislukkingen’ weer te verbergen. Een gevoel van waardeloosheid overvalt je, wanneer je niet aan je eigen onmogelijke eisen hebt kunnen voldoen en je voelt je vervolgens weer dood ellendig.

Wanneer je jezelf niet, of maar half bewust bent van dit mechanisme, dan ben je geneigd alles te projecteren op de buitenwereld, op anderen, op het leven.

Hoe meer je je met je ideaalbeeld probeert te identificeren, hoe groter de teleurstelling wanneer het leven je een ander lesje probeert te leren en je in situaties brengt waarin je dit valse zelfbeeld niet meer kan volhouden. Een persoonlijke crisis is dan ook vaak meer een heftige reactie op je ontmaskerde ideaalbeeld, dan op je feitelijke omstandigheden.

Een gevoel van mislukking, frustratie en dwang, en ook schuld en schaamte, zijn de duidelijkste tekenen dat je ideaalbeeld aan het werk is. Hoe sterker dat ideaalbeeld, des te meer gebrek aan zelfvertrouwen. Dat raakt daarbij naar de achtergrond, totdat er totaal niks meer van over is. Je raakt steeds meer vervreemd van jezelf. Hoe meer je in je ideaalbeeld investeert, hoe meer je je aan de kern van je wezen onttrekt.

Als je je heel angstig of depressief voelt, kijk dan of je ideaalbeeld betwijfeld of bedreigd wordt, dit door eigen beperkingen, of door anderen, of door het leven.

Herken de zelfverachting die onder angst of depressie ligt…

 

De gevoelens van het ware zelf zijn zo volmaakt als jij zelf nu bent, meer kunnen ze niet zijn..

 

Wie ben jij eigenlijk zelf? Wat is echt en wat is onecht? Dit vraagt om zelfreflectie en bewuste her/erkenning van valse stukken in jezelf, dit om ze daarna bewust los te kunnen laten als overbodige ballast.Wanneer je weet – en tot het diepst gaat herkennen wat voor leed het onechte zelf je heeft gebracht, zul je daartoe ook bereid zijn. Maar dat gaat nog niet zo gemakkelijk. Want wie of wat blijft er dan over? We hebben ons zo geïdentificeerd – en houden ons zo vast aan dat ideaalbeeld, omdat we zo bang zijn om voor een afgrond komen te staan. Zo lijkt het althans. Een strijd op leven en dood, maar is dat wel zo?

Pas wanneer je er echt van doordrongen bent geraakt dat die afgrond niet bestaat, dan heb jezelf teruggevonden. Je mag er weer zijn zoals je bent. Diep van binnen weet je donders goed wie je bent, maar er is zoveel zelfverachting en zelfafwijzing dat je dit proces vreselijk in de weg kan staan.

Projecteer je ‘zogenaamde onvolkomenheden’ niet meer op anderen en kijk hiernaar vanuit een nieuw gezichtspunt. Herken je eigen innerlijke tiran. Pas dan zult je merken hoezeer je jezelf straft…

Wanneer je tekort schiet en daarmee zo geïrriteerd en ontmoedigd raakt, zou de daaruit voortkomende ongeduld en boosheid tot een razernij van zelfhaat kunnen leiden. Wanneer dat helemaal ondragelijk wordt, projecteer je dat vaak op anderen, met alle nare gevolgen van dien..

 

Het opgeven van je ideaalbeeld leidt je naar een heerlijke bevrijding… Dit zal veel dingen in je leven veranderen. Eindelijk kun je echt groeien, niet alleen aan de oppervlakte, maar tot in het diepste van je ziel. Je reacties op het leven, gebeurtenissen en anderen zullen veranderen. Je kijk op het leven zal veranderen. Je ondergaat een nieuwe geboorte. Jouw andere houding zal ook nieuwe effecten veroorzaken in de buitenwereld. Het opgeven van je ideaalbeeld betekent ook dat je een belangrijk facet van dualiteit tussen leven en dood hebt overwonnen.

 

Het verschil tussen je echte zelf en je geïdealiseerde zelf is niet een kwestie van kwantiteit, dit wat betreft de goed of slechtheid van een neiging, maar meer van kwaliteit. Je onderliggende motivatie is anders…

 

Het ideaalbeeld, met alle onmogelijke eisen van dien, wil ook nog eens hier en nu volmaakt zijn. Het echte zelf weet dat dit niet mogelijk is en lijdt hier niet onder. Je echte zelf is niet volmaakt, het is gewoon een combinatie van alles wat je op dit moment bent. Je egocentrisme zal er nog zijn, maar wanneer je dat erkent, kun je ermee leren omgaan. Net zolang tot ieder nieuw inzicht het kleiner maakt.

Hoe egocentrischer je bent, hoe minder zelfvertrouwen je zal hebben, maar vanuit je ideaalbeeld geloof je vaak het tegenovergestelde. Aanspraken op volmaaktheid worden juist door egocentrische redenen ingegeven. Juist dit egocentrisme maakt zelfvertrouwen onmogelijk.

 

Ware vrijheid betekent thuiskomen bij jezelf en de weg terug vinden naar je ware zelf.. Dan pas vind je veiligheid en functioneer je als een heel mens….

Wanneer je de ijzeren greep van de innerlijk tiran eindelijk op kan geven, dan pas zul je weten wat vrede en veiligheid echt betekenen en zul je ophouden ernaar te zoeken op de verkeerde manieren…

 

Ineke

 

 

Hoog Sensitieve Personen (kort samengevat: H.S.P)  

Wat is een hoog sensitief persoon?

Hoog sensitieve personen beschikken over een sensitiever zenuwstelsel. Het zit waarschijnlijk in de genen en komt voor bij ongeveer 15 tot 20 procent van de bevolking.

 

Wat betekent het om een H.S.P te zijn?

Het betekent dat je je bewust bent van subtiliteiten in je omgeving.

Het betekent dat je gemakkelijker overweldigd bent als je te lang bent blootgesteld aan een zeer stimulerende omgeving, waarin je bent bedolven onder de geluiden en beelden, totdat het lijkt of je zenuwstelsel uitgeput is.

 

Het vooroordeel van de psychologie:

H.S.P’s zijn minder gelukkig, minder gezond, minder creatief en intelligent.Dat is beslist niet waar!!

Uit onderzoek is gebleken dat de meeste mensen, zeer ten onrechte, de introversie die vaak met H.S.P gepaard gaat, associëren met een slechte geestelijke gezondheid!

Iedereen H.S.P. of niet, voelt zich het best als hij of zij noch te verveeld, noch te geprikkeld is, maar mensen verschillen aanzienlijk in de mate waarin hun zenuwstelsel in dezelfde situatie, door dezelfde stimulansen wordt geprikkeld. Dit verschil is grotendeels aangeboren en is zeer wezenlijk en normaal!!

 

Veel voorkomende opmerkingen van H.S.P’s, zijn:

 

• Ik raak gemakkelijk overvoerd door dingen als fel licht, sterke geuren, grove weefsels of harde sirenes.

• Ik heb een rijke en complexe innerlijke belevingswereld

• Ik kan diep ontroerd raken door kunst of muziek

• Ik voel me opgejaagd als ik teveel moet doen in korte tijd

• Ik ben gevoelig voor sferen en de stemmingen van anderen en weet meestal wat er nodig is om dat te veranderen. (door b.v het licht te dimmen)

• Het vermijden van situaties die mij van streek maken of overbelasten, heeft bij mij een hogere prioriteit.

• Als ik met iemand moet wedijveren, of op mijn vingers wordt gekeken, word ik zo nerveus of gespannen, dat mijn prestaties veel minder zijn dan gewoonlijk.

• Ik ben voorzichtig, in mezelf gekeerd en heb meer tijd nodig om ervaringen te verwerken

• Ik ben gevoeliger voor pijn

 

 Het goede nieuws:

• Je onderscheidt stimulatieniveaus die anderen ontgaan

• Je bewuster zijn van het subtiele, maakt je intuïtiever. Het resultaat is dat je vaak iets gewoon ‘weet’ zonder te weten hoe. (Het zogenaamde 6e zintuig )

• Je wordt meer door je onbewuste beïnvloed, hetgeen je uiterst belangrijke informatie verschaft, wanneer je daar iets mee doet, b.v door droomwerk.. Een leven waarin een sterke communicatie met het onbewuste plaatsvindt, is veel invloedrijker en levert meer persoonlijke bevrediging op.

• H.S.P’s zijn veelal consciëntieuze, voorzichtige en wijze mensen.

 

 

Het minder goede nieuws:

• Wat matig prikkelend is voor de meeste mensen, is zeer prikkelend voor H.S.P’s.

• Wat zeer prikkelend is voor de meeste mensen, brengt een H.S.P volledig van slag.

 

 

H.S.P’s en werk: 

Wat betreft een beslissing nemen in beroepskeuze, zijn H.S.P’s zich bewust van vele innerlijke stemmen. Wanneer al die stemmen zich laten horen, wie heeft het dan bij het rechte end? Zeer intuïtieve mensen raken vaak overspoeld door deze innerlijke stemmen en hebben vaak problemen met allerlei soorten beslissingen.

Voor welke beroepsrichting je ook kiest, je zult je besluitvaardigheid moeten ontwikkelen.

Een H.S.P heeft ook vaak grote problemen met bepaalde taken, die volgens de normen van de cultuur essentieel zijn om in de meeste beroepen te kunnen slagen, zoals b.v spreken en optreden in het openbaar, lawaai verdragen, bijeenkomsten bijwonen, politieke spelletjes spelen, of reizen.

Maar een H.S.P die weet hoe hij of zij in elkaar zit en zichzelf op waarde weet te schatten, zal een eigen unieke manier vinden om de overprikkeling te omzeilen. Wanneer een H.S.P afgestemd is op het eigen innerlijk, is er weinig wat een H.S.P niet kan doen. Ze moeten het alleen in de juiste richting zoeken.

Onder H.S.P’s bevinden zich veel kunstenaars. Maar je kunt ze in allerlei beroepstakken aantreffen. Wat daarbij opvalt is dat deze mensen veelal kiezen voor een rustige werkomgeving, een werkomgeving waarin ze lekker hun gang kunnen gaan en het naar buiten gerichte gedeelte van het werk aan collega’s overlaten die extroverter zijn.

 

 

 H.S.P’s en intimiteit 

Uit onderzoek is gebleken dat H.S.P’s intenser verliefd worden dan niet H.S.P’s. Ze beleven alle gevoelsnuances ook sterker. Ze worden vaker door hun onbewuste geleid in hun partnerkeuze. Dit b.v omdat ze pijnlijke, onopgeloste kwesties hopen te kunnen oplossen, of omdat ze aanvoelen dat hij/zij hen kan helpen groeien in een bepaalde richting.

Ook onbereikbare liefdes zul je meer aantreffen onder H.S.P’s. (vooral bij onze introvertere soort) De innerlijke droomfiguur heeft de overhand en daar laten wij ons vaak onbewust door leiden, de persoon die deze innerlijke potentiële kwaliteiten vertegenwoordigt, krijgt daarmee de volle lading van alle projecties op zich en trekt zich begrijpelijkerwijs terug. Zich gesmoord voelend in de hoge verwachtingen en het zich niet gezien voelen in haar/zijn werkelijke hoedanigheid/identiteit, gevoelens en eigen behoeften.

H.S.P’s hebben veelal diepgaande relaties als hoogste prioriteit op hun lijstje staan. De behoefte aan authenticiteit en intimiteit is sterker, omdat ze het vaak missen. Ze hebben een grotere aanloop nodig om intimiteit te riskeren, juist omdat ze zo sensitief zijn en intimiteit ook gemakkelijk tot overprikkeling kan leiden.

In hun seksualiteit zijn H.S.P’s doorgaans zeer empathisch, gevoelig en sensitief. Behoeften van de ander verstrengelen zich vaak met die van onszelf, omdat we ook meer op de ander gericht zijn, wat de beleving vaak tot een innerlijke eenheid doet voelen. Dit kan leiden tot een dieper begrip van het belang ervan. Seksualiteit betekent voor ons iets mysterieus en machtigs.

Liefde is het belangrijkst om over te gaan tot seksualiteit, waarin we vervolgens zeer gevoelig zijn voor de lichtste aanraking of streling. Dit bezorgt al intens genot. Misschien dat we daarom maar weinig extra stimuli nodig hebben? Over-stimulatie veroorzaakt het vaak tegendeel van genot en aangezien dit bij H.S.P’s al snel het geval is, staat veiligheid, rust en vertrouwen in een relatie voorop.

 

Door hogere sensitiviteit alles intenser beleven hoeft op zich geen probleem te zijn, integendeel, het kan heerlijk zijn. Het probleem wordt pas gevormd, wanneer onopgelost verleden om de hoek komt kijken.

Veel H.S.P’s (en ook niet H.S.P’s) hebben een of andere vorm van angst voor intimiteit, maar dit uit zich bij H.S.P’s intenser dan bij niet H.S.P’s, omdat het ‘gevoeligheidsniveau’hoger ligt dan bij de meeste mensen.

Hier ligt dan ook een grote kans verscholen om ermee in het reine te komen, juist omdat H.S.P’s door hun sensitieve aard er bijna niet omheen kunnen.

 

8 redenen waarom een H.S.P bang kan zijn voor intimiteit

 

1. Angst voor blootgeven en afwijzing

2. Angst voor woedeaanvallen

3. Verlatingsangst

4. Angst voor verlies van controle

5. Angst voor iemands ‘val aan-en-vernietig’impulsen

6. Angst om overspoeld te worden

7. Bindingsangst

8. Angst om een hekel te krijgen aan de ander, vanwege kleine irritaties.

 

 

H.S.P’s en spiritualiteit

Stabiele liefde leidt de weg, de weg leidt naar stabiele liefde.

 

Onze visie op spiritualiteit is uiteraard net zo divers als bij de meeste andere mensen, maar onze gerichtheid erop is vaak intenser dan bij niet H.S.P’s. H.S.P’s zijn er een kei in om te zien wat anderen niet kunnen zien, in aanvoelen wat onder de oppervlakte speelt. De onzichtbare omgeving van gevoelens wordt goed verzorgd door H.S.P’s. Je zou kunnen zeggen dat we beschikken over een spiritueel talent. In een rustige veilige omgeving zijn H.S.P’s heel mediamiek en ontvankelijk voor Goddelijke boodschappen.

Spiritualiteit is voor ons over het algemeen heel belangrijk. We lijken opzoek te zijn naar spirituele ervaringen en hebben ze daarom waarschijnlijk ook meer. Meestal al vanaf onze vroegste jeugd. We zijn vertrouwd met het innerlijke, het onzichtbare. We zijn het dan ook eens met de stelling: ‘mijn innerlijk leven is rijk en complex’. Doelen die niet doordrenkt zijn van betekenis, ultieme - spirituele betekenis, geven H.S.P’s doorgaans geen voldoening.

In onze zoektocht naar heelheid dienen de meeste H.S.P’s extroverter te worden. Als we in onze schulp zijn blijven zitten, zullen we geprikkeld worden, of uiteindelijk gedwongen worden om eruit te komen. Als we onszelf hebben gepantserd, zullen we uiteindelijk aan onze kwetsbaarheid moeten toegeven.

Ons zielenleven ervaren we als een soort troost en dat is het ook, maar het kan ook behoorlijk overprikkelend zijn, zolang we tenminste niet hebben geleerd om met beide benen op de grond te staan. Zo lang dat niet het geval is, lijkt ons spirituele leven op vloedgolven.

Ons vermogen om lief te hebben wordt beïnvloed door onze spiritualiteit, maar ook omgekeerd: ons vermogen om intiem te zijn met het Goddelijke wordt beïnvloed door onze menselijke relaties.

  

 

Enkele valkuilen

H.S.P’s die onzeker zijn en/ of te kampen hebben met egozwakte, verliezen zichzelf nogal eens in een of andere sekte, religieuze groepering, of een bedenkelijke goeroe. Angst leidt vaak tot dogmatisme en onderdrukking.

Egozwakte kan tot gevolg hebben dat we het ego te gemakkelijk opzij willen schuiven, om zo op te kunnen lossen in iets wat ‘groter’ is dan wijzelf. Aan het aardse leven en de ontwikkelingsweg wordt geen aandacht meer geschonken, wat tot gevolg heeft dat we gaan zweven. Er moet wel een ego zijn, eer we het los kunnen laten.

 

Samenvatting boek: Elaine Aron

 

Ineke

 

 

10-06-05

 

 

Verwerkingsverhalen van een vriendin 

Het oude huis 

Op een dag, terwijl ik wat rondwandel, kom ik langs een oud landhuis. Het zware smeedijzeren hek staat een stukje open en mijn nieuwsgierigheid is gewekt. Het hek knarst en piept als ik het verder open duw tot ik erdoorheen pas en ik bedenk me dat wat olie het piepen en kraken zou verhelpen. Alsmaar verder loop ik over het brede schelpenpad in de richting van de brede, zware, houten voordeuren. De geur van rozen en jasmijn bedwelmd me bijna, het doet me denken aan mijn oma die dol was op rozen en waarbij vroeger achter in de tuin een grote struik jasmijn stond. Mijn zusje en ik plukten vaak een bloemetje om eraan te ruiken en als we uitgesnuffeld waren staken we het achter ons oor.

le="text-align: center; ">Terwijl ik daar over loop te mijmeren valt het me pas op hoe stil het in de tuin van het huis is. Als ik bij de hoofdingang ben aangekomen steek ik zonder erbij na te denken mijn hand uit naar de deurknop en open de deur. Het huis en de tuin komen me op een vage manier bekend voor en het verbaast me niets dat ik de deur zomaar kon openen. Als ik de grote hal binnenloop de eerste dingen die me opvallen de massief houten trappen. De trap die naar boven gaat is licht en vrolijk, versiert met allerlei sierlijk houtsnijwerk en de trap die naar beneden gaat is donker, zwaar en helemaal niet aantrekkelijk om af te gaan.

Op het moment dat ik besluit om naar boven te gaan hoor ik ineens rennende voetstappen en het geluid komt van de trap die naar beneden gaat. Ik aarzel geen moment en ren naar het trapgat, ik vang nog net een glimp op van een klein meisje. Ze is waarschijnlijk niet ouder dan 5 of 6 jaar. Even aarzel ik maar besluit dan toch naar beneden te gaan. Een stemmetje in mijn hoofd zegt me dat ik voorzichtig moet zijn maar mijn verstand zegt dat ik het meisje moet zoeken. Onderaan de trap gekomen valt het me op hoe donker en kil het daar is en ik voel hoe ik huiver. Ondanks dat ik me bang ga voelen loop ik toch in de richting waar ik het meisje heen zag gaan. Ik had eigenlijk een grote kelder verwacht maar het zijn meer allemaal gangen met kamers, een soort labyrint. Hier en daar is wat zwak schijnsel van kaarsen en als mijn ogen wat beter aan het donker gewend zijn zie ik dat het gangenstelsel gemaakt is van kasten die zo zijn neergezet dat ze looppaden vormen met hier en daar wat lege ruimtes. Er staat werkelijk van alles, van boekenkasten vol stoffige boeken tot grote zware kasten met sloten erop. Ik laat mijn vingers langs de boeken glijden en ondertussen proberen mijn ogen alle titels te lezen. Er staan vreemde boeken tussen met titels als ‘Lange Lijs’ en ‘De zolder’. Maar ik ben hier niet om boeken te lezen, ik wil dat meisje vinden dus loop ik verder. Iets verderop hoor ik wat vallen en snel loop ik erheen, in een hoekje zit het meisje stilletjes te huilen zonder geluid. Haar haren plakken aan haar wangen terwijl ze met opgetrokken benen zit met haar hoofd op haar armen. Het heeft geen zin om haar te vragen waarom… beter is het om haar gerust te stellen en ik streel zacht haar blonde haar. Verschrikt kijkt ze op en ik zie haar mooie bruine ogen vol angst omslaan naar opluchting. “Je hebt me gevonden” snikt ze. En ik knik ja… en zeg haar dat ik haar nooit meer kwijt zal raken en altijd zal beschermen.

Ik besluit ter plekke dat ik deze muffige kelder op ga ruimen en dat die kleine meid me daarbij gaat helpen!

 

 

Slecht kind

Waar komt die drang vandaan om altijd maar weer de lieve dochter van mijn ouders te zijn? Na jaren van vluchten voor de “grote” monsters uit mijn jeugd is het uiteindelijk toch gebeurd, het verleden haalde me in. Hoe hard ik ook rende en vluchtte het resultaat is dat die vloedgolf van emoties me overspoeld heeft. Allerlei rare lichamelijke klachten die er nu uit komen en het gevoel dat er ‘iets’ zit… het is er, hier en nu, gisteren, vandaag… morgen?

 

Nu de grootste golf over me heen is en ik af en toe gewoon even kan drijven zie ik de schade. Sommige dingen zien er gek genoeg klein en logisch uit terwijl voorheen alles uit verband getrokken groot leek. Sommige dingen waarvan ik dacht dat het meeviel blijken toch erger te zijn dan ik dacht. Het misbruik (stom woord) van mijn vierde tot mijn zesde jaar blijkt gewoon nog steeds invloed te hebben op de dingen die ik nu doe!

 

Nadat mijn zusje het aan mijn moeder vertelde had ik altijd het gevoel dat ik een “slecht” kind was, zij was degene die eerlijk was, de knapste de liefste, aanhankelijk. Ik was het kind dat loog (dat gevoel gaf het mij), de oudste die net niet helemaal perfect was, de afstandelijke. Ik wilde niet op schoot en geen kusjes. Het gevoel dat je als kind je ouders wat hebt aangedaan en dat eeuwig goed moet maken. Mijn zus was 4 toen ze het vertelde… nog niet bang voor de gevolgen die het zou hebben als je je mond opendeed! En toen er aan mij gevraagd werd of het waar was kon ik toch niet anders dan mijn mond houden! Zij wisten niet dat ik ze daarmee redde, hun leven spaarde, want als ik het zou toegeven zouden ze misschien wel doodgaan of de hele wereld zou kunnen bezwijken.

Keer op keer vroeg mijn moeder mij wat er gebeurd was, zij in de deuropening aan de ene kant van de tafel en ik bang aan de andere kant, huilend… tot ik uiteindelijk toegaf. Ik verraadde mijn ouders, niet degene die het gedaan had!

 

Het gevoel daarna dat je heel heeeeel erg stout was omdat iedereen erover zweeg. Voor straf niet meer naar oma en opa… achteraf gezien was dat niet voor straf maar om het te ontlopen daar, de onveilige situatie, maar op dat moment leek het zo. Alsof er allemaal niks was gebeurt en in mijn hoofd werd het idee groter dat ik (ik was tenslotte de eerste waarmee het daar begon) de oorzaak was van alle ellende. Misschien maakte ik daarom altijd zoveel lawaai… om gezien te worden… de zwijgende stilte voorbij… zodat iemand hoorde dat er iets mis was met dat meisje.

 

Eigenlijk doet iedereen dat nog steeds, kop in het zand en ontkennen, zolang je niet laat zien dat je ergens pijn hebt is het er ook niet! Of zoals het vroeger ging: “pap als ik hier duw doet het pijn” dat mijn vader dan zei: “dan moet je daar niet duwen” en zo kan je dus lang overeind blijven… door gewoon niet te duwen. Alleen soms duw je zelf niet maar duwt er iets anders wat je meemaakt en dan ineens doet het zoveel pijn dat je wilde dat je wat eerder op de bel geduwd had! : P

 

 

 

donderdag 28 juli 2005

 

Kind van mijn vader

Waarom zeggen mensen altijd dat je op een van je ouders lijkt? (in mijn geval mijn vader)… Eigenlijk leg je daarmee de beperkingen en tekortkomingen van die ouder op zo’n kind. Je hebt iets van beide ouders in je en tegelijk maakt dat je zo uniek dat je geen grenzen en beperkingen hebt, alleen door die ingestampte “Je bent net je vader!” zou je gaan geloven dat je net zoals hem moet zijn. Net zo creatief en handig, maar ook net zo knorrig en ontevreden.

Mijn vader die altijd zeurt over het eten dat niet goed is, mijn moeder die te vaak gaat fietsen en meer van dat soort kleinigheden. En dan mijn moeder die precies doet wat ze zelf wil. Als het haar uitkomt wil ze wel dit en dat maar tegelijk durft ze het ook geen nee te zeggen als ze ergens geen zin in heeft, dat doet ze achteraf tegen anderen. Nooit iets af kunnen spreken want het loopt toch altijd anders. Eigenlijk is er nooit duidelijkheid over dingen. Dat maakt je warrig en onzeker omdat je nooit weet of een ja als ja bedoelt is of niet. Misschien doen ze alles met de beste bedoelingen maar soms heb je zo’n genoeg van de vage beloftes. Ik wil niet langer kind zijn van. Ik ben ik, een eigen individu met een eigen mening!

 

 

19-7-05

 

Belofte

Daar ben ik dan, midden in een oceaan van emoties.

Golven rollen af en aan, steeds weer word ik overspoeld. Telkens weer kopje onder, vechtend tegen de stroom… wachtend op hulp.

Nergens een stuk drijfhout om me aan vast te klampen, nergens een reddingsboei om me boven water te houden.

Misschien is het beter zo.

Want terwijl ik wanhopig mijn hoofd boven water probeer te houden bedenk ik me dat het soms beter is om met de stroom mee te drijven tot het weer wat opklaart en de zee rustig wordt. De kust komt dichterbij, ik voel het, de golven worden minder agressief. Steeds als ik op de top van een golf ben kan ik net een glimp opvangen van een mooi, groen eiland om het op het moment dat de golf instort weer kwijt te raken.

Maar ik weet dat de belofte aan dat land me sterker maakt, vol van overlevingsdrang omdat ik ook weet dat jij op het strand op mij wacht.

Ik ben er bijna en op eigen kracht en dat voelt goed.

 

 

 

 

maandag 19 juni 2006

 

Gewond dier...

Te vaak geschopt, geslagen en aan een boom gebonden. Te vaak mijn vertrouwen gegeven aan mensen waarvan ik dacht dat ze het waard waren. Maar telkens weer als ik ze mijn vertrouwen gaf lieten ze me achter, duwde me buiten en gaven me een trap na. Het gevoel niks waard te zijn. Dit dier wil alleen maar aardig gevonden worden... ik besnuffel je hand, ik kwispel wat, durf een stapje dichterbij. Blij met de aandacht die ik krijg.

Maar soms is er die herinnering waardoor ik weer op mijn hoede ben... wil ik de schop voor zijn en bijt naar elke uitgestoken hand die me wil aaien. Het spijt me als jij goede bedoelingen met mij hebt... maar begrijp je niet dat ik gewond ben en doordat je me aait je me soms pijn doet... daarom kan ik soms wat bijterig zijn. Ik probeer het je wel duidelijk te maken maar dat is lastig als je alleen maar hebt geleerd om te blaffen en grommen.

 

Loslaten

Het begon op het moment dat je geboren werd en jij op mijn buik lag met je donkere oogjes die wat onwennig de wereld inkeken. Op het moment dat de navelstreng doorgeknipt werd stond vast… je moet het nu alleen doen. Wel vanaf de veilige schoot van mama, maar toch!

Je werd groter en groter en klom van mijn schoot, je wilde niet langer bij me zitten, maar verder… verder de wereld in. En je ging op ontdekkingsreis, door de kamer kruipend steeds verder bij mij vandaan. En ik? Ik liet je gaan… tot je weer veilig op mijn schoot kroop… en als je dan ’s avonds in je bedje lag, dromend over je avonturen en ik keek nog even naar je slapende gezichtje, dan wist ik: jij hebt mij nodig en ik jou.

Niet veel later vertrok je op je driewieler “daaag mama”… verder bij mij vandaan en ik kon niets anders voor je verzinnen dus liet ik je gaan. De hele tuin fietste je door om daarna moe en tevreden weer terug bij mij te keren.

Op een dag bracht ik je naar de peuterspeelzaal en jij… jij zwaaide naar mij en zei: “dag mama… weg” en daar ging je dan, helemaal alleen en ik kon niets anders doen dan je loslaten… en hopen dat de juffies en de kinderen lief voor je zouden zijn.

Zo ging het steeds een stapje verder… verder bij me vandaan. Ik bracht je naar de kleuterschool, de eerste klas… tot je het verder zelf wel kon en ik… ik liet je gaan.

Sinds afgelopen jaar ga je weer een stapje verder, verder de wijde wereld in, alleen op je fiets naar je nieuwe school in Zaltbommel, en ik… ik laat je gaan.

Je vind jezelf nu al heel groot… en daar heb je gelijk in mijn ‘kind’ en toch… ook al zijn we voor altijd verbonden met duizenden onzichtbare draden… loslaten blijft moeilijk… dus ik hoop dat je altijd de weg terug weet te vinden naar waar je veilig thuis kunt zijn.

 

Liefs Mama 

 

Niet meer wij...

Niet meer een perfecte cirkel

het is niet langer meer wij

niet meer degene die jij dacht dat ik was

maar al een tijdje ik en jij

 

Ik moet je bekennen:

ik ben mijzelf ook 'even' kwijt

door hoe ik me voel nu ik ziek ben

en door mijn 'verleden tijd'

 

ik voel dat jij hierdoor van mij verwijderd

en dat maakt me bang

alles lijkt tegenwoordig een strijd te worden

terwijl een arm om me heen het enige is waarnaar ik verlang

 

Ik begrijp dat ik je pijn doe

met hoe ik op situaties reageer

maar het is beslist geen bewuste daad

het doet mij net zo zeer.  

 

Overprikkeling en controleverlies 

Wanneer ik lange tijd in een situatie heb verkeerd, waarin ik overprikkeld ben geraakt, bijvoorbeeld na een middag winkelen in de stad en ik kom in de laatste winkel die ik aandoe iemand tegen die ik ken en deze persoon begint een heel verhaal tegen mij af te steken, dan kan het zweet me uitbreken, kan ik me niet meer op haar/zijn verhaal concentreren en weet ik me absoluut geen houding meer te geven. Ik kan dan niet meer sociaal en alert reageren. Kortom: ik weet me geen raad meer met mezelf. M’n ogen flitsen alle kanten op en ik verschiet van kleur. Ik heb het gevoel compleet buiten mezelf te zijn en begin van allerlei nietszeggende onzin uit te kramen, dat totaal niet slaat op het gespreksonderwerp. Ik maak me dan uiteindelijk al stuntelend uit de voeten en voel de bevreemde ogen van de kennis die ik net heb ontmoet, in m’n rug prikken.

Mensen kunnen op het voorgaande nogal verschillend reageren: sommigen vragen dan: voel je je wel goed?Ben je ziek? Wat is er? Ik zie/voel ze soms denken: die heeft een/vreemd/idioot/raar psychisch probleem, er wordt dan naar me gekeken alsof ik gek ben geworden, of ik zie ze denken: wat zielig, te verlegen om sociaal te kunnen reageren/zijn, bij deze mensen voel ik me in zo’n toestand niet begrepen en serieus genomen. En bij anderen zie ik de overprikkeling, angst en verwarring van mezelf terug in hun ogen. Ze weten er dan ook niet mee om te gaan en maken zich ook snel mogelijk uit de voeten. Na zo’n ontmoeting was ik vaak uitgeput. Vroeger kwam daar ook nog eens onzekerheid en minderwaardigheidsgevoelens overheen. Tegenwoordig weet ik het te herkennen als m’n gemoedstoestand van overprikkeling en m’n reacties daarop, maar daar is heel wat tijd overheen gegaan. Het gebeurt nu ook niet zo vaak meer, want ik heb nu een standaardregeltje klaar liggen in m’n hoofd, wanneer me dit weer eens gebeurt en maak me nu zonder al teveel toestanden en schuldgevoelens gewoon uit de voeten. Erken en respecteer m’n grenzen meer!!

 

 

Wat ik toen ervaarde leek op ego – inflatie, maar was het niet. Zo kan het echter wel ervaren worden, want wat ik ervaarde was een compleet verlies van alle controle over mezelf. Gevolg van een totale overprikkeling. Het verschil hiertussen is maar heel klein, maar toch compleet anders. Het een kan echter wel het ander tot gevolg hebben. Ego - inflatie hangt af van andere factoren, je zelfbeeld e.d. Bij hooggevoelige mensen met een vertekend zelfbeeld, gaat dit helaas nogal eens hand in hand.. Oorzaak(overprikkeling) en gevolg (verwarring) zijn niet duidelijk en ze vereenzelvigen zich vaak met het negatieve zelfbeeld, dat door de overprikkeling, verwarring en onzekerheid van dat moment in stand wordt gehouden. Dat kan voor hoogevoelige mensen ernstige gevolgen hebben: vermijdingsgedrag, depressiviteit, straatvrees, enz. Aan de andere kant: wat vaak als een ziekte van de geest wordt gezien bij hooggevoeligen, dit in de reguliere gezondheidszorg, is soms niet meer of minder dan te overprikkeld te zijn geraakt in bepaalde situaties en over grenzen te zijn gegaan die niet hanteerbaar waren. Zorg op maat werd niet geboden, want het werd niet als zodanig opgepakt en begrepen. Wat heb je b.v aan assertiviteitstraining, wanneer je al zo overprikkeld bent geraakt door invloeden van buitenaf, dat je geen zinnig woord meer uit kan brengen? Dan heb je veel meer aan oefeningen om je goed af te kunnen sluiten en je goed te kunnen ontspannen op zulke momenten. Assertiviteitstraining zou daar dan naast kunnen staan. Hier ben ik in het verleden zo vaak op stuk gelopen. Ik heb me in van allerlei trainingen gestort waar ik op dat moment niets mee kon, maar de term HSP was nog niet aan de orde en ik was intens opzoek naar mezelf…

 

Overprikkeling kan ook alle latente schaduwkanten bovenbrengen, of andersom. Het masker werkt niet meer en ik heb dan het gevoel naakt en kwetsbaar tegenover de ander te staan. Dit of ik dat nu wil of niet… Ik heb er geen controle meer over. Dit kan veel angst en paniek oproepen. Een vreselijke angst om afgewezen te worden overvalt me dan, om ontmaskerd te worden door een persoon bij wie ik liever niet ontmaskerd wil worden, omdat ik voel dat het niet veilig is, of omdat ik voel dat de persoon of situatie niet geschikt zijn op dat moment. Zo’n persoon kan gewoon een vage kennis zijn, iemand bij wie ik het helemaal niet zie zitten mezelf zo te kijk te zetten. Dit kan heel vernederend zijn voor mezelf, of onveilig voelen, omdat ik bang ben dat m’n kwetsbaarheid tegen me kan worden gebruikt. Die angst kan in bepaalde situaties heel rieel zijn, dus in situaties waarbij ik in kan schatten dat er een grotere kans op overprikkeling is, b.v drukke feestjes, verjaardagspartijen, drukte op de werkvloer, las ik nu meer rustpauzes in. Ik ga even naar de wc, even naar buiten, enz. Bezoekjes aan oppervlakkige kennissen waarmee ik toch niet zoveel heb laat ik nu liggen, een hele opluchting, of wanneer ik er echt niet onderuit kan, b.v bij een functionering - of werkbespreking, maak ik het korter en daarmee hanteerbaarder.

 

Binnen intieme relaties en vriendschappen raak ik zo nu en dan natuurlijk ook overprikkeld. Hoe groter mijn emotionele betrokkenheid, hoe groter de angst om afgewezen te worden. Dit kan ook nog tot pijnlijke situaties leiden. Wanneer ik emotioneel betrokken ben, sta ik des te wijder open voor die persoon en werkelijk alles komt dan in sneltreinvaart binnen. Ik ben me al heel snel bewust van iemands zon en schaduwkanten. Ik voel haarscherp aan wat er binnen een bepaalde persoon speelt en of die zaken geaccepteerd zijn of niet. Daar reageer ik vaak bewust of onbewust op. Dit maakt soms ook pijnplekken in mezelf los: gevolg: overprikkeling. Zo kan het zijn dat ik dan dingen zeg die ik niet van plan was om te zeggen, omdat onbewust de pijn wordt aangeroerd die binnen die interactie is ontstaan. Dit kan pijn uit het verleden zijn, maar kan ook te maken hebben met gedeelde pijn van dat moment. Meestal herken ik die pijn aan de schijnbaar misplaatste opmerkingen die ik dan maak. Wanneer die ander zich daar niet van bewust is, kan zo’n opmerking echt uit de lucht komen vallen, of die ander pijn doen, omdat er iets in die ander wordt geraakt. Het kan ook gebeuren dat de ander overprikkeld raakt en net als ik niet met de situatie om kan gaan. Wat dan? Hoe ga je als hooggevoelige binnen een vriendschap om met onverwerkte pijn????? Vooral wanneer je allebei bang bent voor intimiteit en de ander niet te dicht naast je kan verdragen? Wanneer je daar juist wel behoefte aan hebt, dan is overprikkeling vaak moeilijk en pijnlijk, omdat je je daar allebei geen raad mee weet. Je kunt dan niet meer helder nadenken en de nodige afstand nemen van de hevige gevoelens en emoties. Dan wordt het afstand nemen ook pijnlijk, omdat het je achterlaat in complete verwarring. Gelukkig heb ik in dit geval de ervaring dat het naderhand altijd weer kan worden uitgesproken en opgehelderd, zeker wanneer de vriendschap in de basis gewoon hecht is, maar wat doe je met al die gradaties ertussen? Dat maakt het alweer gecompliceerder!

 

Ineke

 

 

18-2-2005

 

Hooggevoeligheid en wil, 

Willen is voor mij (inderdaad) een beladen woord geworden. Wat heb ik met mijn leven gedaan, nu ik inmiddels op de helft ben? Dat dient zich nu in heftige mate aan en niet voor niets denk ik. De combinatie achtergrond/ karakter hebben hierbij een grote rol gespeeld, ik kom nou niet bepaald uit een meest stimulerende omgeving, eerder was er van het tegendeel sprake, meisjes en vrouwen werden in het (arbeiders)milieu waarin ik ben opgegroeid niet gestimuleerd om te weten wat ze wilden, ze werden nog altijd geacht zo snel mogelijk te trouwen en kinderen te krijgen. Zelf had ik een (schijnbaar) meegaand en aanpassend karakter en vond het allemaal wel best. Van binnen broeide er echter van alles aan gekwetstheid, pijn en boosheid, zeker naar dat Friese platvloerse, ruwe, schofterige, seksistische mannenwereldje, (waarin de vrouwen soms net zo erg konden zijn), of hun neus in het zand staken, dus hoe eerder ik het huis uit was, hoe beter het me leek en dit was blijkbaar de enige uitweg voor mij. Maar wat doe ik er nu mee en wat voel ik er nu nog van?

Ik heb gemerkt dat ik door mijn hooggevoeligheid en achtergrond, maatschappelijk niet erg sterk sta, dat is me zelfs letterlijk ingepeperd: ‘moeten we de werkgever voor het vrijwilligerswerk op de hoogte stellen van je hooggevoeligheid, of niet? Beter van niet, want dan zal hij al snel denken: maar hier zit ik niet op te wachten.’ Leuk om dat van je werkbegeleider te horen te krijgen, maar dat is wel de realiteit. Over wil gesproken: daar laat ik me niet door uit het veld laten slaan! Ik voel me gekwetst en denk er over om een andere werkbegeleider te zoeken, iemand die er anders in staat en niet met die vooroordelen rondloopt. Wanneer ik naar een werkgever moet met een werkbegeleider met zo’n instelling, dan gaat het zeker mis! Een vrouwelijke werkbegeleider wil ik weer, net als vorig jaar!

Ik sta op mijn manier sterk. Ik ben begonnen bij wat er voor mij aan mogelijkheden lagen en die heb ik aan – en opgepakt. Ik voel me zinvol op m’n eigen manier en in m’n bijdrage in het vrijwilligerswerk dat ik tot nu toe heb gedaan (en ga doen) Ook voel ik me zinvol in m’n meest nabije relaties, waar er aan diepgang en vriendschap nog heel wat te ontdekken valt. Dat is voor mij ook een doel. Misschien wel het meest belangrijke..

Heeft hooggevoeligheid alleen maar te maken met de hobbels uit het verleden die je nog hebt te nemen, of is het gewoon de aard van het beestje? Elaine Aron schreef dat hooggevoeligheid erfelijk bepaald is en dat het inderdaad in het karakter ligt. Het is zaak daar je kracht van te maken. Daar wordt in de maatschappij zo snel aan voorbij gegaan, heb ik het gevoel: hooggevoeligheid ligt voor het grootste gedeelte aan de hobbels die je nog hebt te nemen. (Wordt verward met overgevoeligheid) maar dat gaat toch niet alleen bij HPS’s op, dat gaat voor iedereen op, alleen hebben hooggevoelige mensen daarmee nog eens extra te maken, door de misvattingen tussen hooggevoeligheid en overgevoeligheid. Juist omdat ze hooggevoelig zijn, is dit daarom niet de meest simpele klus waar ze voor komen te staan. Dit omdat hooggevoeligheid er voor zorgt dat je er langer over doet om alles te verwerken, want alles wat scheef zit wordt door een HSPer des te sterker aangevoeld, maar wordt ook als veel complexer ervaren. Daarom is het soms zo verdomd moeilijk om er de juiste woorden voor te vinden. Maar als ze dan enigszins zijn gevonden, loont het voor een HSPer meer dan de moeite. Woorden zijn voor ons (inderdaad) niet alleen gewoon maar woorden… Het is een zoektocht naar het zo compleet mogelijk ermee samen kunnen vallen en door alle misstanden en eigen verwarring heen, je eigen waarheid boven tafel te krijgen.

Soms voel ik me gestimuleerd en kan ik warm lopen voor een aantal zaken, maar er ontbreekt soms net dat stukje zekerheid, moed, durf en zelfdiscipline, om er optimaal gebruik van te maken. Misschien door bovenstaande misvattingen uit het verleden, die ook voor een deel mijn misvattingen waren geworden, ik verwarde mijn hooggevoeligheid ook vaak met ‘overgevoeligheid’. Er was iets helemaal mis met mij. Wanneer maar vaak genoeg tegen je is gezegd dat je overgevoelig bent, ga je het vanzelf geloven. Hooggevoeligheid kan wel gepaard gaan met overgevoeligheid, emoties overrompelen ons meer dan de minder gevoelige mens en degenen onder ons die niet zo’n gladjes verleden hebben gekend moeten daarvoor HUN tijd en ruimte krijgen. Door onbegrip vanuit de maatschappij moeten we daarvoor soms vechten, maar het is alle moeite waard!!

Maar waar sta ik nu en wat kan dit inzicht nu voor mij betekenen? Rustig aan en in eigen tempo gewoon doorgaan waarmee ik al bezig was.

Ik zou gebruik van mijn hooggevoeligheid willen maken op mijn eigen speciale manier, b.v lekker achter de schermen toch heel veel voor iemand kunnen betekenen, (wat ik ook doe) In vrijwilligerswerk, waarbij ik zelf kan bepalen waar bij mij de grenzen en mogelijkheden liggen, kan ik mezelf ook ontplooien. Daarbij sluit ik kans op een baan niet uit. Ik wil in mijn relaties meer liefde, helderheid en diepgang brengen, ook heel belangrijk! De leerschool van het leven gaat niet aan ons voorbij, ook al hebben sommigen van ons niet die uitblinkende banen, materieel bezit, enz. Er is niets mis met je wanneer je niet in die omstandigheden verkeert en dat ook niet direct ambieert. Voor mezelf stel ik meer vragen als: wat doe ik met de omstandigheden waarin ik verkeer? Is mijn thuissituatie stabiel genoeg? Heb ik voldoende groeimogelijkheden om op voort te borduren in mijn eigen tempo? Doe ik daar iets mee? Heb ik voldoende ruimte en warmte naar mezelf en anderen? Allemaal belangrijk voor mij en daar heb ik voorlopig m’n handen vol aan. Dat is geen zwakte, maar een kracht! Maar daar moest ik voor mezelf al schrijvende toch nog weer even achter komen.

Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik minder was dan degenen die een baan hadden, of gestudeerd hadden, ik was maar een randfiguur, een nul, in de ogen van de maatschappij in ieder geval, maar is dat wel zo? Heeft de maatschappij niet juist mensen zoals wij nodig? Alles is zo relatief, nu ik er zo gaandeweg achter kom dat er daarbij zoveel facetten zijn die ik vroeger altijd over het hoofd heb gezien., zoals eenzijdige ontwikkeling, zelfverlies, volledige identificatie met een beroep, machtsverhoudingen, etc.

Dit begrip brengt me nog dichter bij het feit dat ik het op m’n eigen tempo en op m’n eigen manier wil doen. Het brengt me ook dichter bij de acceptatie van mezelf. Ik heb alles in omgekeerde volgorde gedaan, eerst de inzichten, daarna de (voorzichtige) stappen, maar misschien moest ik wel achter de schijnbare tegenstellingen en verhoudingen komen, om er achter te komen dat ik mijn eigen rol heb te spelen in dit leven.Dat het goed is en dat ik er ook mag zijn..

 

Ineke

 

 

 

Inspiratie en intimidatie 

Twee – eenheid

Als een veer

Losgelaten door een havik

Strijk ik op je neer

Met herinnering aan vleugels

Van weleer

 

Mijn liefste lief

Met je vleugels van papier

Je verzamelt veren

Van kracht in kwetsbaarheid

hier

 

Op weg naar vrijheid

Verzamelen we de veren

Bewerken ze tot vleugels

En blijven elkaar eren

 

Als hoogsensitief persoon kan ik gemakkelijk diep onder de indruk raken door minder gevoelige, meer naar buitengerichte, dus extraverte persoonlijkheden. Dit kan zich in sommige gevallen uiten in hevige verliefdheid, in andere gevallen in sterke overprikkeling dat angst of weerstand in de hand kan werken. Bang om binnen de overweldiging aan nieuwe impulsen en prikkels mezelf te verliezen, weggevaagd en opgeslokt te worden en die angst kan heel reëel zijn! Alles komt immers zo intens en in sneltreinvaart binnen.. Op zulke momenten staan alle antennes uit en voelt de grond vaak als onder m’n voeten weggevaagd!

 

Angst of weerstand kan ook omslaan in verliefdheid. Binnen een intieme relatie kunnen beide reacties zich bijvoorbeeld verbazend snel afwisselen. Zeker tijdens de instabiliteit van een beginstadium. Er ontstaat dan vaak een spel van aantrekking en afstoten. Ik heb bijvoorbeeld veel ruimte nodig om alles wat er is gezegd, of juist niet, weer een plekje te kunnen geven, dit terwijl de ander dan allang weer met iets anders bezig is. Dat wordt niet in alle gevallen goed begrepen en wordt soms opgevat als afwijzing, herkauwen, traagheid of saaiheid.

 

Ook lijkt het alsof er een bijna vanzelfsprekend machtsverschil ontstaat tussen deze twee tegenstellingen. Maatschappelijk gezien staan de meeste introverte en gevoelige mensen ook niet zo sterk. De wereld wordt alsmaar sneller en gejaagder, ik voel daarbinnen een sterke drang naar prestatie, macht en materieel gewin en gevoelige mensen kunnen daar soms in meegetrokken en in op - of weggezogen worden. In mijn situatie is dat in ieder geval zeker vaak een punt geweest en ik verlies me er nog wel eens in. Dit gebeurt vaak binnen een contact waarin ik voel dat mijn gevoeligheid niet begrepen wordt, waarin ik voel dat er geen gelijkwaardigheid is, waarin ik voel dat er aan me getrokken word en daar kan ik voorbeelden te over van opnoemen.” Ik heb er bijvoorbeeld als bijstandsmoeder mee te maken in de vorm van bepaalde werkgevers voor vrijwilligerswerk, gemeenteambtenaren, trajectbegeleiders, etc. Soms krijg ik daarbij namelijk het gevoel dat ze hun frustraties van elders vaak botvieren op mensen die zich in een sociaal afhankelijke situatie bevinden.Dit in de vorm van autoritair gedrag, intimidatie en machtsvertoon. Ik krijg daarnaast sterk het gevoel al bij voorbaat te worden gezien als een potentiële fraudeur. Ik kan daar helemaal door dichtslaan. Er komt dan ook geen zinnig woord meer over m’n lippen. Zo ik al niet een autoriteitsprobleem had, dan zou ik er in zulke situaties eentje kunnen ontwikkelen!!!

 

Een voorbeeld:

Ik kan zo overvoerd raken door autoritair, overheersend, hard, druk en snel stemgeluid, dat het me uiteindelijk helemaal niet meer lukt om te luisteren naar wat die stem te zeggen heeft. Het enige dat ik dan nog hoor is die overheersende, autoritaire, harde toon waarop iets gezegd wordt. Daar kan ik als gevoelig mens totaal de kluts van kwijtraken.

Ook kunnen vrienden die deze eenzijdige denkbeelden bewust allang naast zich neer hebben gelegd, soms nog met denigrerende opmerkingen komen. We hebben immers zelf de maatschappij gecreëerd, geïnternaliseerd, we zijn die maatschappij geworden. Zeker wanneer we niet voldoende wakker en bewust hiermee om blijven gaan. Dus reacties als: “wat reageer je weer gevoelig, je overtrekt de zaken weer,” zijn niet alleen maar externe, maar vaak ook interne stemmetjes in m’n hoofd.

Wanneer ik me door dit alles laat intimideren, overdonderen en leiden, kan dat m’n eigenwaarde behoorlijk naar beneden halen en depressie in de hand werken. Tenminste: wanneer ik mijn hooggevoeligheid niet in het juiste perspectief zie en wanneer ik het contact met mezelf volledig ben kwijtgeraakt. ’t Ja, en dat gebeurt me nogal eens… In negatieve zin zie ik dan de volgende zaken vaak passeren:

 

- Iemand snel op een voetstuk zetten

- Mezelf weggeven

- Mezelf te afhankelijk opstellen

- Schijnbaar onderdanig gedrag

- Manipulatief gedrag

- Mezelf klein houden

- Mezelf beperken

 

Vervolgens laat ik mezelf belemmeren, door o.a:

 

- Snel geïntimideerd te raken door de daadkracht en snelheid van informatieverwerking van de ander. (daar heb ik heel wat meer tijd en energie voor nodig)

- Snel geïntimideerd te raken door het schijnbaar moeiteloos omzetten van beelden in woorden. (deze beelden zo authentiek en perfect mogelijk weergeven, kost me heel wat meer moeite, tijd en ruimte)

- Snel geïntimideerd te raken door het schijnbaar moeiteloos beelden en gedachten om te zetten - en vorm te geven in creativiteit en/of werk. (persoonlijk mis ik daarin nog dat stukje richting)

- Het naar buiten toe kunnen – en durven uitdragen van de eigen mogelijkheden

 

In positieve zin echter, weet ik dat creatieve intelligentie hand in hand gaat met diepgaande verfijning van welke aard dan ook. Dit vraagt tijd, ruimte, contemplatie, zorgvuldigheid, zelfkennis, koestering, bescherming, verzorging en liefdevolle aandacht. Dat vraagt contact met jezelf, met je eigen waarheid en innerlijke belevingswereld. En daar ontbreekt het bij de meeste extraverte mensen nog wel eens aan, zeker in onze wervelende, snelle en overvoerende consumptiemaatschappij. Ik zie deze mensen nog vaak zo verstrikt raken in van allerlei uiterlijke kwesties en zichzelf verliezen in het maken, of consumeren van nutteloze, betekenisloze, afgevlakte materiële zaken, ik zie ze vaak nog zo verschrikkelijk aan zichzelf voorbij lopen en zichzelf op een hopeloze manier kwijtraken… dan zie ik weer de eenzijdigheid van beide uitersten en waarin ze elkaar juist zo nodig kunnen hebben en elkaar in tegemoet kunnen komen. Ook zie ik daarin m’n eigen tekortkomingen nu heel duidelijk en de dingen waar ik nog aan moet werken.. Alles draait om evenwicht, dat is me al schrijvende weer eens temeer duidelijk geworden.. deze twee kanten van de medaille houden elkaar nog steeds veel teveel op hun plaats… met alle uitzonderingen en variaties daar tussenin, want zo zwart/wit als hier gesteld is het natuurlijk niet. Dit heb ik zo gedaan om mijn punten zo goed mogelijk te verduidelijken. Zeker in deze maatschappij, waarin gevoeligheid vaak nog zo ondergewaardeerd – en over de voet gelopen wordt,(ook door onszelf) is het belangrijk om die tegenstellingen duidelijk in beeld te brengen. Het heeft mij in ieder geval geholpen met de gedachte dat ik mijn plaats in de wereld mag innemen. Hoe dat er oppervlakkig gezien aan de buitenkant ook uit mag zien.

 

Kortom: als gevoelig mens kan ik in vervoering - en diep geïnspireerd raken door bijvoorbeeld een mooi kunststuk, een prachtig boek, hemelse muziek, een gevoelig gedicht, een mooie sterrenhemel, een bijzonder mens, etc, maar dit kan me ook overweldigen. Soms komt er teveel in een keer op me af en kom ik tot niets…weet daardoor geen richting aan mijn leven te geven, maar soms wanneer ik, zoals nu, het contact met mezelf weer heb hersteld, in alle rust en ruimte die ik nu in - en om me heen voel, krijg ik weer hernieuwde energie. Een energie die ik weer in een bepaalde richting kan stoppen, in dit geval het schrijven, en voel ik alles weer gaan stromen. Rust, ruimte en een harmonische omgeving, een stille plek waar alle gedachten en beelden weer verwerkt en omgezet kunnen worden in creatieve uitingsvormen: voor gevoelige mensen de beste voedingsbodem voor het vormgeven van inspiratie…

 

 

HSP Zijn 

Het volgende houd ik mezelf vaak voor en wil ik graag met andere mensen delen die zich in een soortgelijke situatie bevinden.

 

Op momenten dat we het even niet meer zien zitten en/of anderen niets met ons schijnen te kunnen, laten we dan in godsnaam zelf genieten van het feit dat we meer voelen en alles intenser ervaren dan de gemiddelde mens. Gewoon om het feit dat dit domweg zo IS, niet omdat het een functie moet hebben, of zonodig nuttig moet zijn, maar omdat het eenvoudig zo rijk kan voelen! Haal alle waardeoordelen, zowel positief als negatief, er eens vanaf en wees stil en gewaar… Denk maar aan de dingen waardoor je in vervoering kunt raken, denk maar aan dat ene heerlijke moment van samenvallen met jezelf, denk maar aan die prachtige goddelijke ervaring, denk maar aan de momenten van diep inzicht en ontroering.

Gewoon kunnen zijn, laten we daar maar eens mee beginnen, daar hebben we vaak al moeite genoeg mee. Misschien valt er dan eindelijk eens een last van ons af en kunnen we daarna weer een kant op stromen die bij ons hoort. We laten ons namelijk nogal eens wat kanten optrekken die niet bij ons passen, of waar we eigenlijk niet achterstaan. Dit kan gebeuren binnen familieverhoudingen, vriendschappen, relaties, werk, etc.

Gelukkig houden we dat nooit al te lang vol, maar het gebeurt ons toch vaak weer.. Allereerst hebben we voldoende veiligheid, zelfkennis en een stevige basis nodig om onze eigen weg te kunnen en durven vinden. Die basisveiligheid kunnen we alleen maar in onszelf vinden, maar daar doen sommigen van ons, juist door onze gevoeligheid, wel een half leven over, zo niet een heel leven. Ik denk dat dit voor gevoelige mensen ook de essentie is, van wat er in dit leven doorleefd moeten worden. De uiterlijke vorm is maar bijzaak en manifesteert zich vanzelf op een voor ons bevredigende manier, naarmate we in het voorgaande verder groeien.

 

 

 

Het stempel HSP 

Met het verschijnen van de baanbrekende boeken en het pionierswerk van Elaine Aron is het stempeltje HSP hier in Nederland ineens een hele hype geworden. Ik hoor reacties van mensen, zowel in positieve als negatieve zin. We staan hiermee echter nog in de kinderschoenen en er valt nog heel wat te ontdekken en uit te werken. Dat wordt nu dan ook volop gedaan.Er verschijnen plots veel boeken over dit onderwerp en in werk en management is ondertussen de term HSP ons allang niet meer onbekend. Ik vind dit een hele positieve ontwikkeling. Mensen worden aan het nadenken gezet en hooggevoelige mensen vinden hierin eindelijk een stukje rust en her/erkenning, maar wat ik ook nog steeds hoor zijn opmerkingen als: “oh, daar heb je er weer zo eentje die zich achter de term HSP verschuilt.” Of: “oh, daar heb je er weer zo eentje die de term HPS gebruikt om onder z’n verantwoordelijkheden uit te komen.” Vooral op de werkvloer horen hoogsensitieve mensen dit nogal eens de ronde gaan. Waar of niet waar, we zijn nog lang niet van al onze vooroordelen verlost en hebben nog een lange weg te gaan.

 

 

Conflicthantering 

Gevoelige mensen gaan anders om met conflicten, dan minder gevoelige mensen. Dit voelt voor de laatste groep mensen vaak veel luchtiger, minder complex en ze komen eerder tot oplossingen.‘Wij’ hebben vaak veel tijd nodig om uit te vogelen waar nu precies de angel zit. Juist omdat we een conflict vaak veel intenser en complexer aanvoelen dan minder gevoelige mensen, krijgen we vaak het etiketje: “zwaar op de hand,” of “moeilijk geval, ”opgeplakt.

 

Een minder gevoelige vriendin zei laatst: “de term HSP bezorgt me de kriebels!!!” Toen ik vroeg waarom, kwam ze met het volgende oordeel: “je bent zo gevoelig en je weet zo weinig te relativeren”. Ik ging bij mezelf te rade en zei: “ kan wel zijn, maar jij walst over zaken heen, waar ik niet omheen kan en die voor mij soms heel anders kunnen voelen.”

Hoogsensitieve mensen kunnen soms heel lang de schijnbare harmonie in een vriendschap of relatie in stand houden, domweg door gebrek aan eigenwaarde, maar eenmaal tot helderheid en het conflict gekomen, houden ze niet van halfslachtigheden. Ze zijn echter vaak eerder geneigd om een beschuldigend vingertje naar zichzelf op te steken, dan naar anderen. Dit kan ons in bepaalde gevallen de das omdoen, zeker in situaties waarin we onszelf ten onrechte naar beneden halen, maar ik denk dat dit ook onze kracht is/kan zijn. We buigen af en toe, maar we breken nooit! Gewoon om het feit dat we vaak al intuïtief aanvoelen/weten wat er onder de oppervlakte leeft. De rest komt vanzelf boven water, laat dat maar aan ons over!!!

 

 

Hsp en eenzaamheid 

Eenzaamheid wordt oppervlakkig gezien, nog wel eens verward met sociaal te kort schieten. Er lijkt iets mis te zijn met mensen die de eenzaamheid opzoeken. Ze lijken wat wereldvreemd, ze lijken vaak wat zonderling en excentriek. Hierover bestaan van allerlei misstanden en vooroordelen: deze mensen kampen vast met psychische problemen, van welke aard dan ook. Maar gaat dit wel altijd op? In bepaalde gevallen misschien wel. Zeker wanneer iemand zich daar niet goed bij voelt, op wat voor manier dan ook getraumatiseerd is geraakt en voor bepaalde zaken chronisch op de vlucht blijft slaan.

Tussen eenzaamheid en de introvertere mensen ‘van onze soort’ lijkt een intieme band te zijn gesmeed. We kunnen de eenzaamheid opzoeken om wat voor reden dan ook, maar de meeste redenen zijn voor ons juist heel gezond: we kunnen de eenzaamheid nodig hebben om na een periode van sterke prikkeling weer tot onszelf te kunnen komen. We kunnen de eenzaamheid nodig hebben om tot creativiteit te kunnen komen. We kunnen de eenzaamheid nodig hebben om helderheid in een conflict te scheppen. We kunnen de eenzaamheid nodig hebben om juist weer tot nieuwe verbondenheid te komen. We kunnen de eenzaamheid nodig hebben om belangrijke keuzes te kunnen maken. We kunnen de eenzaamheid nodig hebben voor zelfonderzoek, enz. Hiervoor hebben gevoelige en introvertere mensen vaak meer tijd nodig dan gemiddeld, dus ontstaan er ook langere periodes van terugtrekking en contemplatie. Daarnaast hebben we vaak ook een andere kijk op de wereld en streven we andere levenswaarden na.

Dat wordt door de buitenwereld niet altijd goed begrepen of opgevangen. Het leven hier raast maar door en er lijkt geen ruimte meer te zijn voor introspectie. Er wordt dan vaak gezegd: deze mensen zijn ziek of hebben psychische problemen, want ze hebben te kampen met een te hoog stressgehalte en zijn gevoelig voor burnout. Hoe krom wil je het hebben? Ik kan me hier mateloos aan ergeren. In deze eenzijdige maatschappij worden mensen ook stressgevoelig en kwetsbaar voor burnout gemaakt! Kijk maar eens naar het steeds groter toenemende aantal mensen die overspannen en met burnout thuis zitten van hun werk, domweg omdat de bijna onmenselijke eisen die er aan hen gesteld worden, hen ver boven het hoofd zijn gegroeid.

Aan de andere kant kunnen gevoelige mensen wel vatbaarder zijn voor psychische problemen rondom eenzaamheid, dan minder gevoelige mensen. Gevoelige en introverte mensen die ook nog eens getraumatiseerd zijn, kunnen eenzaamheid tot een gevangenis maken. Dit kan vele oorzaken hebben. Gevoelige mensen die vroeger vaak gepest, fysiek en/of emotioneel verwaarloost, of misbruikt zijn, hebben het heel moeilijk om zich staande te houden in deze maatschappij. Dit heeft meestal met een negatief zelfbeeld, de daaruit voortkomende grenzeloosheid, of als reactie daarop: te sterke begrenzing, te maken. Deze patronen zijn vaak moeilijk te overkomen, want ze liggen zo diep geworteld in ons systeem. Dit kan zich uiten in depressies, sociale fobieën, vermijdingsgedrag en van allerlei verslavingen en neurosen. Langdurige psychotherapie is dan de enige goede oplossing. Zelf ben ik dan ook langdurig in therapie geweest.

Existentiële eenzaamheid is niemand vreemd. Het hoort bij ons als mens. Iedereen heeft daar in meer of mindere mate mee te maken. Willen we ons onderscheiden van anderen, dan zullen we sterker worden geconfronteerd met deze gevoelens. Gaan we met de massa mee, dan hebben we er veel minder mee te maken en raken deze fundamentele gevoelens ons minder. Het blijft ondersneeuwt en verdrongen. Een ontkomen is er echter niet aan. Vroeg of laat krijgen we ermee te maken en zullen we dit alles onder ogen moeten zien. Sommige mensen wachten daarmee tot ze op sterven liggen, anderen accepteren dit als een gegeven dat bij het leven hoort en proberen vanuit dat bewustzijn, bewust die verbinding weer te maken.

Hoe gaan we daar als hooggevoelige mensen mee om? Hooggevoelige mensen worden vaak al heel vroeg in hun leven geconfronteerd met existentiële eenzaamheid. Vaak omdat ze al anders zijn en van de algemene norm afwijken. Het is een bekend en vertrouwd gevoel geworden. Een gevoel dat we vaak ons leven lang met ons meedragen. Of we ons nu proberen te conformeren aan de buitenwereld of niet, we zullen altijd het gevoel houden dat er bepaalde zaken in ons leven niet te delen zijn. Door hooggevoelige personen wordt dat vaak nog sterker zo gevoeld, omdat de meeste ervaringen van deze mensen zo complex en veelomvattend kunnen zijn. Een deel daarvan zal nooit te verwoorden zijn, wordt er dan vaak gezegd. Dat kan ons eenzaam doen voelen. Die eenzaamheid kan echter een valkuil worden op het moment dat we niet meer proberen die verbondenheid met anderen tot stand te brengen, domweg omdat we het soms zo’n opgave kunnen vinden om de juiste woorden te zoeken en te vinden voor dit allesomvattende, complexe gevoel.

Aan de andere kant: een contact met het goddelijke bijvoorbeeld, laat ons ook sprakeloos achter, daar zijn geen woorden voor te vinden. Maar paradoxaal genoeg: juist in onze existentiële eenzaamheid kunnen we tot diepe verbondenheid met het al, komen. Dit zal gevoelige mensen niet onbekend in de oren klinken denk ik. Mensen die dit gevoel om wat voor reden dan ook, niet kennen, zijn werkelijk eenzaam…

 

Ineke

 

 

Stel je eens voor..... 

stel je eens voor,dat ik niet meer bang ben, dat ik me overgeef aan de stroom van het leven, dat ik iedere angst dat ik iets niet aankan achter me laat, niet meer eindeloos doorneem of alles wel goed is gegaan, maar er volledig op vertrouw dat het leven me ieder moment precies geeft wat ik nodig heb, dat ik ieder moment preicies ben wie ik moet zijn.

 

stel je eens voor, dat ieder schuldgevoel verdwenen is, alle schaamte alle verontschuldiging dat ik ben zoals ik ben.

 

stel je eens voor, dat ik precies kan voelen wat goed voor me is, dat er geen onderscheid meer is tussen mij en het leven, dat ik in mezelf kan blijven terwijl ik naar een ander kijk,

dat ik mijn impulsen weet en volg, dat ik mijn grenzen voel, beide benen stevig op de grond, dat ik allleen nog maar ben wie ik ben, mijn leven leef.

 

stel je eens voor dat alle twijfels aan mijzelf verdwenen zijn, dat ik alleen nog maar voel wat ik voel, denk wat ik denk, doe wat ik doe.

 

stel je eens voor, dat mijn behoedzaamheid verdwenen is, dat ik me in het leven gooi, durf te surfen op de top van de golf, genietend, alle remmen loslaat, volledig laat zien wie ik ben, stralend, zonder enige terughouding.

 

stel je eens voor, dat ik rust kan vinden in het doen, dat de stemmen in mijn hoofd eerbiedig zwijgen, dat ik uitrust terwijl ik bezig ben, dat ik alle stress vergeet, dat ik alleen nog maar hier en nu ben,

 

een prachtig mens, al helemaal goed, vol vertrouwen in het leven..

 

Ingezonden door Aaltsje